Haarlemmermeerlijnen


De Haarlemmermeerlijnen waren vroeger een uitgestrekt lokaalspoor netwerk. Ondanks dat deze nog als lokaalspoorweg bekend stond was er toch beveiliging. In de laatste jaren was deze al bijna helemaal verdwenen. Nog enkele stations waren bemand. Verder werd er veel met sleutels gewerkt.
Het hoofdstation was Uithoorn waar ook de vertakking was naar Aalsmeer en Amsterdam Haarlemmermeer. In Uithoorn was een loods voor de berging van een sik en in het stationsgebouw was een kantoor waar de sleutels van de diverse aansluitingen en loswegen werden beheerd.
De meeste arm- en lichtseinen langs de lijn, welke soms overblijfselen waren van stationsbeveiligingen, waren alleen bedoeld voor de beveiliging van bruggen en een belangrijke overweg.

Gebruikte afkortingen:

Nieuwersluis - Uithoorn



Brugpost De Angstel




Foto links: De overweg met de kruising met Rijksweg No 2 (A2). Foto midden: Een 2200 passeert de overweg. Tegenwoordig liggen er hier twee keer vijf rijstroken. Foto rechts: Sein 102 was een overweg en brugvoorsein. Een uitzondering omdat voorseinen normaal nooit als dwergsein werden uitgevoerd. Op de achtergrond de overweg. (Foto's: J.G.C. van de Meene)




Tekening van het bedien- en meldpanneel



Bij de beweegbare brug over De Angstel lag een brugpost. De brug, een draaibrug, was beveiligd d.m.v. een brugslot waarvan de sleutel in het bedienpaneel stak.
Zolang de sleutel in dat slot zat kon de brug niet worden geopend en stonden de bruglichtseinen in de stand stop.
Er stonden drie lichtseinen met bijbehorende voorseinen voor de twee verst weg liggende seinen. Bijzonderheid was dat dit een van de weinig dwergseinen type '46 waren welke een achtergrondscherm hadden. Ook bijzonder was dat twee van deze dwergseinen een dwergvoorsein hadden die ook, maar dan een vierkant, achtergrondscherm hadden. De seinen 104 en 110 waren er voor de brug en 104 en 106 voor de overweg.
Naast de brug was er ook een overweg welke d.m.v. een storingsmelder met de brugpost en post T Nieuwersluis= Loenen verbonden was. Deze overweg was zeer speciaal. Hier kruiste de lijn namelijk de Rijksweg 2 (A2). De beveiliging bestond uit een HAHOB. Voorheen was deze automatisch maar door de steeds drukker wordende A2 leidde dit regelmatig tot ongevallen.
Op grond hiervan is vanaf 24 januari 1967 voorgeschreven dat voor het starten van de HAHOB en het uit stand "stop" brengen van het sein 104 of 106 de medewerking van de rijkspolitie is vereist.
Hierdoor kon soms enkele uren duren voordat de trein over de overweg was.

De procedure rond het sluiten en openen van de brug en de werking van de HAHOB wordt hier beschreven. (bestandsgrootte 141 kB)

De brugpost was alleen bemand tijdens treinverkeer in de regel op werkdagen gedurende de ochtend; als de brugpost niet was bemand dan stond de draaiburg open.

Brug over de Veldwetering



Een tekening van een van de handelstoeltjes bij de brug.



Na de overweg Rijksweg 2 liep de lijn verder naar Vinkeveen. Onderweg werd de Veldwetering gekruist d.m.v. een beweegbare brug. De brugseinen stonden normaal uit de stand stop waarbij de brug vergrendeld was. De beveiliging was uitgevoerd met lagehandelstoeltjes gekoppelt d.m.v sloten.
De "brugpost" was normaal niet bemand.

Vinkeveen




Foto links: Het handeltoestel van Vinkeveen waarvan alleen de wissels en het bruggrendel werden bediend. Foto midden: De beweegbare brug bij Vinkeveen. Foto rechts: Het brugsein B te Vinkeveen. Foto midden: W. Vos, links en rechts: H. Stoltenberg ()




Tekeningen van de handelinrichtingen van Vinkeveen.



Vinkeveen was in de jaren zestig niet meer dan een losplaats met twee aparte sporen. De sleutels van de wissels en stop-ontspoorblokken waren in beheer te Uithoorn. De seinen konden echter wel bediend worden. Deze seinen waren nog resten van de stationsbeveiliging. Vermoedelijk was sein Bv voorheen een inrijsein. De seinen B en Bv werden bediend vanaf het voormalig perron. Sein A werd vanaf de overkant van de brug bediend door een lage handelstoel. De brug was vergrendeld door een brugslot. De sleutel stak in de beide handeltoestellen. Beide seinen moesten in de stand stop staan om de sleutels te kunnen uitnemen. Beide sleutels waren nodig om de brug te ontgrendelen.

Wilnis en Mijdrecht


Wilnis

Het stationsgebouw van Wilnis (bron: www.stationsweb.nl)



Wilnis was niet meer dan een losplaats. De sleutels voor de toegang tot de losplaats lagen net als in Vinkeveen op kantoor bij het station van Uithoorn.

Mijdrecht
Mijdrecht was ook een losplaats maar had twee sporen. Ook hier lagen de sleutels van de sloten in Uithoorn. In Mijdrecht was de 'huissloper' van NS ( Gebr. Koek ) gevestigd. De aanvoer het te slopen materieel werd gedaan door de dagelijkse buurtgoederentrein. Het te slopen materieel werd indien er geen ruimte was bij de sloper opgesteld in Nieuwersluis = Loenen of Uithoorn.

Uithoorn



          

Foto links: Sein G, vlak voor Uithoorn. Foto midden: De dubbele draaibrug te Uithoorn. Het tweede spoor is een overblijfsel van een opgebroken vertakking. Foto rechts: Wissel 29 te Uithoorn met slot en voorkeurstand. (Foto's: W. Vos)




Post T

Post T had geen bedieningstoestel meer maar wel een verantwoordingsgebied en wel het gehele emplacement met uitzondering van de wissels van post I, de overwegen en de brug. Alle wissels in het gebied van post T waren handwissels. zonder voorkeurstand. Alleen wissel 29 had een voorkeurstand met slot.
In het gebied van post T lagen ook een loods voor een rangeerlok (sik) en een ladingsmal voor de laad- en losplaats.
Post T beheerde de sleutels van de wissels van de diverse losplaatsen langs de lijn.


Post I

Het handeltoestel HSM in post I te Uithoorn (Foto: J.G.C. van de Meene)




Tekening van het bedieningstoestel type HSM.



Post I was een ook weer een post die ook een overblijfsel was van de stationsbeveiliging van Uithoorn. Vermoedelijk zal er ook een post II zijn geweest. Post I had geen blokkast omdat er geen electrische verbindingen waren met andere posten, hooguit per telefoon. Een aantal handels was uit het toestel verdwenen wat uitzonderlijk was voor dit type toestel. Vermoedelijk waren dit seinhandels. Wel waren de handels d.m.v. trekkers en linialen met elkaar verbonden.
De brug over de Amstel stond, anders dan gebruikelijk, normaal geopend. De brug had een eigen bruggrendel dat d.m.v. een handel gekoppeld was aan het toestel. Vlak voor de brug lag een stopblok wat in deze situatie beter was dan een stop-ontspoorblok. Ook deze werd bediend door post I. Er aan gekoppeld zat een stoplantaarn.
Post I had ook twee overwegen. Eentje lag aan de andere zijde van het kanaal en werd daar ter plaatse d.m.v. een windwerk bediend. De overweg naast de post zou, volgens de informatie die nu voorhanden is, met de hand worden gesloten.
Sein G, werd bediend door het uittrekken van een trekker. Vermoedelijk werd dan ook de stand van het handel van wissel 31 gecontroleerd. Het sein was electrisch en had een terugmelding d.m.v. een melder met een zichtbaar armpje ten teken van de stand van het sein G,. Hoe het sein aan haar naam komt is niet bekend maar zal zeker ook deze keer een overblijfsel zijn van de stationsbeveiliging.

Uithoorn - Amsterdam Haarlemmermeer



Legmeerpolder en Amstelveen


Legmeerpolder en Amstelveen waren losplaatsen aan de vrije baan met een zijspoor beveiligd met slot en stop-ontspoorblok. Zowel het stop-ontspoorblok als het handwissel hadden een slot.
Legmeerpolder had een losweg en losperron. Amstelveen een spoor met koplading en losperron. Daarnaast was er nog een tweede kopspoor.
Van beide losplaatsen waren de sleutels aanwezig op station Uithoorn.
Even voor Amstelveen veranderde de kilometrering omdat daar vroeger een splitsing (bij voormalige halte Bovenkerk) was naar Aalsmeer. Deze was in de jaren zestig al opgebroken.

Amsterdam Haarlemmermeer


De oude perrons lagen er nog maar werden niet meer voor het personenvervoer gebruikt. Naast de gewone perrons lag er ook een aantal loswegen en een losperron. Het spoor langs het losperron was al deels opgebroken want er was geen koplading meer. In de hoofdbaan lag een stop-ontspoorblok wat vrij uitzonderlijk was. De sleutel was aanwezig in het stationsgebouw van Amsterdam Haarlemmermeer.

Uithoorn - Aalsmeer - Aalsmeer 0ost



De Kwakel


De Kwakel was een losplaats aan de vrije baan met een losweg langs een kopspoor. Ook hier was er een stopontspoorblok en handwissel met slot. Een deel van het perron was nog aanwezig.

Aalsmeer


     

Het emplacement van Aalsmeer in noordelijke richting in het jaar 1973 (Foto's: W. Vos)


Te Aalsmeer hadden een aantal wissels een voorkeurstand. Deze waren ook d.m.v een slot afgesloten. De sleutels waren in het stationsgebouw van Aalsmeer aanwezig. Door deze situatie lagen de wissels zo dat een trein altijd binnen kwam op spoor 1. Verder lagen er twee stop-ontspoorblokken in de sporen 3 en 4. Op het emplacement wat een aantal sporen had lagen een losweg met twee sporen en een losperron met twee sporen waarvan eentje een koplading had. Verder lag er nog een spoor met losperron vermoedelijk van een spooraansluiting.
Het eerste wissel van Aalsmeer was tevens de splitsing. Vanuit Aalsmeer kon men twee richtingen op. Een richting naar Aalsmeer Oost liep dood. Dit was de oude lijn van Aalsmeer naar Amsterdam Haarlemmermeer.

Aalsmeer Oost



Het "emplacement" van Aalsmeer Oost d.d. 22 mei 1977 (Foto: W. Vos)


Aalsmeer Oost was het eindpunt van de zijtak van Aalsmeer. Er lag een enkel losspoor en er was geen omloopmogelijkheid. De treinen moesten dus terug geduwd worden. Doordat het spoor in Aalsmeer Oost dood liep was hier geen slot of stopontspoorblok nodig. Er hebben meerdere sporen gelegen maar deze waren al weg eind jaren zeventig.

Einde


Uiteindelijk werden alle lijnen gesloten waarbij Nieuwersluis - Uithoorn het laatste stuk was. Mede door de aanwezigheid van een sloperij werd het einde van de lijn lange tijd uitgesteld. Een deel van de lijn is behouden voor een Tramwegmuseum. Deze rijdt over het stuk Haarlemmermeer - Amstelveen. Beide emplacementen zijn onherkenbaar veranderd. Ook is op een deel van de lijn een metrolijn aangelegd.




Terug naar Home Terug naar seinhuizen